Kinderen worden meer de dupe van echtscheiding dan tot nu toe werd gedacht. Op langere termijn kampen kinderen van gescheiden ouders niet alleen vaker met angsten en depressies, ze vertonen ook meer agressief en strafbaar gedrag dan kinderen uit complete gezinnen. Ze roken, drinken en blowen vaker en de kans dat zij later zelf scheiden is tweemaal zo hoog.

Dat blijkt uit onderzoek onder ruim 1600 jongeren van twaalf tot zestien jaar dat volgende week wordt gepubliceerd. De Raad voor de Kinderbescherming gaf opdracht tot de studie om beter zicht te krijgen op de problemen van kinderen uit gebroken gezinnen. Per jaar krijgen 70.000 thuiswonende kinderen te horen dat hun ouders uit elkaar gaan. Zij vertonen tweemaal zoveel problemen als kinderen uit gezinnen die nog intact zijn. Het is voor het eerst dat de effecten van echtscheiding op kinderen in Nederland zo uitgebreid zijn bestudeerd. Uit de literatuur rees tot nu toe een minder negatief beeld op.

Opmerkelijk is dat ouders vergeleken met een eerdere studie uit 1998 meer ruziën tijdens en na de scheiding. Sinds ouders verplicht zijn afspraken te maken over de zorg, houden iets meer gescheiden ouders allebei contact met de kinderen. Toch heeft één op de vijf kinderen na verloop van tijd geen contact meer met de uitwonende ouder. Nog eens 15 procent ziet één van beide ouders minder dan één keer per maand. Bijna de helft krijgt te maken met een stiefouder. Kinderen in stiefgezinnen hebben meer last van depressieve gevoelens, maar scoren beter op school dan kinderen van ouders zonder nieuwe partner.

Bron: De Stentor