Je hebt na de scheiding duidelijke afspraken gemaakt over wanneer jullie kind bij iedere ouder verblijft. Maar dan zegt je 16-jarige kind ineens: “Ik wil niet meer naar papa” of “Ik wil niet meer naar mama.”

Moet je dan toch vasthouden aan de omgangs- of zorgregeling?

Een kind van 16 kan een bestaande regeling niet zelf beëindigen. Tegelijkertijd weegt de mening van een kind op deze leeftijd zwaar. Zeker als je kind duidelijk en consequent niet meer naar de andere ouder wil, is het belangrijk om te onderzoeken waarom. Soms zijn andere afspraken nodig. Komen ouders er samen niet uit, dan kan de rechter beoordelen wat in het belang van het kind is.

Blijft de bestaande omgangsregeling gelden?

Ja. Een omgangs- of zorgregeling verdwijnt niet automatisch omdat een kind 16 jaar is of niet meer naar de andere ouder wil.

Staat de regeling in een ouderschapsplan, convenant of rechterlijke uitspraak? Dan kunnen ouders proberen samen andere afspraken maken. Lukt dat niet en wil een van de ouders dat de bestaande regeling wordt voortgezet of juist gewijzigd, dan kan de kwestie aan de rechter worden voorgelegd.

Goed om te weten: Dat je kind niet meer wil gaan, betekent niet automatisch dat de bestaande regeling vervalt.

Hoe zwaar weegt de mening van een 16-jarige?

Bij een 16-jarige speelt de eigen mening een belangrijke rol. Een oudere minderjarige tegen zijn of haar duidelijke en aanhoudende wil dwingen om volgens het bestaande schema naar de andere ouder te gaan, ligt in de praktijk niet voor de hand.

Komt de zaak bij de rechter, dan kan het kind ook zelf zijn of haar mening geven. Kinderen vanaf 8 jaar worden bij procedures over bijvoorbeeld gezag en omgang in beginsel uitgenodigd voor een kindgesprek.

De rechter kijkt vervolgens niet alleen naar wat het kind wil. Ook de redenen daarvoor en de overige omstandigheden spelen mee bij de beoordeling van wat in het belang van het kind is.

Waarom wil je kind niet meer naar de andere ouder?

Juist de reden waarom je kind niet meer wil gaan, is belangrijk.

Is er iets gebeurd? Speelt er al langere tijd ruzie? Voelt je kind zich niet prettig bij de andere ouder? Past de bestaande regeling niet meer bij school, sport, werk en vrienden? Of speelt het conflict tussen de ouders een rol?

Dat laatste vraagt extra aandacht. Er is verschil tussen een kind dat zelf geen contact meer wil en een situatie waarin een ouder het contact met de andere ouder tegenwerkt. Ouders moeten ervoor zorgen dat het contact van hun kind met de andere ouder niet onnodig wordt tegengewerkt.

Een regeling moet blijven passen bij de leeftijd van je kind

Wat goed werkte toen je kind 8 was, hoeft op 16-jarige leeftijd niet meer praktisch te zijn. School, een bijbaan, sport, vrienden en andere activiteiten krijgen een steeds grotere plaats in het leven van een tiener.

Dat betekent niet dat contact met de andere ouder niet meer belangrijk is. Wel kan het aanleiding zijn om opnieuw naar de invulling van de regeling te kijken. Soms is een flexibeler schema een betere oplossing dan vasthouden aan afspraken die jaren geleden zijn gemaakt.

Wat kun je doen als je kind niet meer wil gaan?

Probeer hierover eerst met je kind en de andere ouder in gesprek te gaan, zonder je kind tussen beide ouders in te laten staan. Bespreek of de bestaande afspraken nog passen en of een andere invulling mogelijk is.

Lukt het niet om samen tot een oplossing te komen, dan kan mediation of juridisch advies helpen.Kom je er samen niet uit en weet je niet wat je met de omgangsregeling moet doen? Laat je dan juridisch adviseren voordat de situatie verder vastloopt. Bel ons op 088-6002801 (gebruikelijke belkosten) of vul het contactformulier in. We bespreken wat in jouw situatie een verstandige volgende stap is.